Application, apply (English-Dutch)

Jump to navigation Jump to search

application[edit | edit source]

  • verzoek
  • verzoek (aanvraag)
  • uitoefening (van een kracht)
  • toepassing: gebruik, aanwending, applicatie
  • inzet (gebruik)
  • applicatie
  • aanvraag; verzoek
  • aanbrenging (van verf)
  • applicatie
  • [COMP.] applicatie
  • ijver; inspanning, aandacht, toewijding

apply[edit | edit source]

aanbrengen
aanleggen, zetten, (op)leggen, toedienen
toepassen
gebruiken, benutten, in praktijk brengen
  • uitoefenen (van een kracht)
  • toepassen
  • opstrijken
  • opbrengen (van verf, lijm e.d.)
  • opbrengen (met iets bedekken)
  • invullen
  • in praktijk brengen
  • gelden (m.b.t. regels, voorschriften)
  • gebruiken
  • aanwenden
  • aanvragen